Tweetrapsmaking: het verhaal tussen twee overlijdens

Marc en Yvonne waren getrouwd in een samengesteld gezin. Marc had twee kinderen uit een eerder huwelijk, Yvonne één. Hij wilde dat zijn vermogen uiteindelijk bij zijn eigen kinderen terecht zou komen, maar tegelijk dat Yvonne tot haar overlijden goed verzorgd zou zijn. Zijn notaris stelde een tweetrapsmaking voor. Een doordachte regeling, dachten ze allebei. Tot Marc overleed en duidelijk werd dat het werk daarmee pas was begonnen.

Wat een tweetrapsmaking inhoudt

Bij een tweetrapsmaking erft de langstlevende partner het vermogen, met een afspraak voor wat erna komt. In juridische taal heet die langstlevende de bezwaarde. Wat er bij haar overlijden nog over is, gaat door naar een vooraf aangewezen groep: de verwachters. In het geval van Marc en Yvonne waren dat Marcs kinderen Sophie en Pim.

De bezwaarde mag het vermogen tijdens leven gebruiken en in veel testamenten ook verteren. Levensonderhoud, zorg, een mooie reis, een nieuwe auto: dat valt allemaal binnen de bedoeling. Wat de bezwaarde niet zomaar mag, is het vermogen weggeven aan iemand anders. Een grote schenking aan een eigen kind, een lening aan een vriend die nooit wordt terugbetaald: dat valt buiten de bedoeling van de regeling, tenzij het testament hierin uitdrukkelijk voorziet.

Tussen verteren en weggeven loopt een grens. Die grens is in een testament makkelijk te formuleren, maar in het dagelijks leven van vele jaren weduwschap niet altijd zichtbaar.

De jaren na Marc

Yvonne erfde als bezwaarde. De bankrekeningen werden samengevoegd. De woning bleef op haar naam staan. Wat precies van Marc afkomstig was, werd op dat moment niet beschreven of gewaardeerd. Het zou later wel duidelijk worden, was het idee. Yvonne leefde nog en het verdriet was groot.

In de twaalf jaar daarna gebeurde er veel. Yvonne verkocht het gezamenlijke huis en kocht een appartement. Ze hielp haar zoon Bob met een aanbetaling op een woning. Toen Bob trouwde, droeg ze ruim bij aan de bruiloft. Een paar jaar later vulde ze zijn pensioentekort aan met een schenking. Allemaal bedragen die Yvonne als haar eigen geld zag. De bankrekeningen voelden voor haar al lang niet meer als gescheiden vermogens.

Toen Yvonne overleed, kwamen Sophie en Pim in beeld als verwachters. Zij hadden recht op wat er nog over was van Marcs vermogen. Ze troffen een appartement aan, wat spaargeld en een beleggingsportefeuille. Niet wat ze hadden verwacht.

Het gesprek dat niemand wilde voeren

De vraag die zich opdrong, was lastig te stellen. Was Yvonnes hulp aan Bob een legitieme besteding van haar eigen vermogen, of had zij vermogen weggegeven dat onder de tweetrap viel? En welk deel van het appartement was te herleiden naar de verkoop van de woning waarvan Marc destijds eigenaar was geweest?

Niemand had iets in slechte trouw gedaan. Yvonne had geen bedrog gepleegd. Bob had niets gestolen. Sophie en Pim klampten zich niet vast aan een formulering. Doordat er bij Marcs overlijden niets was vastgelegd, ontbrak elk ankerpunt om de vraag te beantwoorden.

Een rechter heeft daar uiteindelijk uitspraak over gedaan, langs de moeizame route van getuigenverklaringen, oude bankafschriften en bouwtekeningen. De uitkomst lag tussen wat Sophie en Pim hadden gehoopt en wat Bob redelijk vond. Niemand was tevreden. De familieverhoudingen waren beschadigd op een manier die Marc nooit had bedoeld.

De boedelbeschrijving als ijkpunt

In de jaren na Marcs overlijden lag het testament klaar. Wat ontbrak, was de boedelbeschrijving; een overzicht van alle bezittingen en schulden van Marc op de dag van zijn overlijden, gewaardeerd tegen verkoopwaarde. Voor Yvonne als bezwaarde was dat het document waaraan ze haar eigen handelen had kunnen toetsen. Voor Sophie en Pim als verwachters had het twaalf jaar later het ankerpunt gevormd om de vraag “wat hoort hierbij?” te beantwoorden.

Een tweetrapsmaking vraagt daarbij om iets dat in andere nalatenschappen minder dwingend is: het bijhouden van wat er in de jaren daarna met het vermogen gebeurt. Grotere uitgaven, schenkingen, herinvesteringen. Wie dat consequent doet, houdt de afspraak uit het testament ook bij langere weduwschap zichtbaar.

Verbonden over twee overlijdens

Een tweetrapsmaking legt verbinding tussen twee momenten en tussen verschillende groepen erfgenamen. Verbonden in eenheid en kwaliteit, het uitgangspunt van Stichting RegisterExecuteur, krijgt in deze testamentvorm een concrete invulling. De bedoeling van de erflater moet ook tussen het eerste en tweede overlijden zichtbaar blijven, anders is het testament zijn werk al kwijt voordat de verwachters ooit in beeld komen.

Een RegisterExecuteur begeleidt de afwikkeling na het eerste overlijden, stelt een boedelbeschrijving op en zorgt voor het vermogen voor de bezwaarde in het Digitaal Nalatenschapsdossier als uitgangspunt van de tweetrapsmaking. In dat dossier wordt niet alleen vastgelegd wat er bij het eerste overlijden was, maar ook hoe het vermogen zich daarna ontwikkelt. Bij het tweede overlijden is er dan iets om op terug te vallen en hoeven nabestaanden geen vragen te stellen die ze allang niet meer beantwoord krijgen.

Dit artikel is het vierde deel van het themajaar 2026: Langstlevende Verzorging.

Thema's in dit bericht: