Goed verzorgd achterlaten: wat bedoelen we daarmee?

Bijna iedereen wil zijn partner goed verzorgd achterlaten. Het doel is voor vrijwel iedereen gelijk. De weg ernaartoe niet. Er zijn meerdere manieren om die verzorging te regelen, en ze pakken bij het tweede overlijden verschillend uit. Voor samenwoners gelden bovendien strengere voorwaarden dan veel mensen vermoeden.

Voortzetten alsof er niets gebeurd is

De vermogenssituatie loopt na het overlijden door alsof de overledene er nog is. De langstlevende blijft in het huis wonen en kan over het geld beschikken. De kinderen krijgen hun deel pas later. Tot 2003 moest je dat met een testament regelen, omdat kinderen toen een direct opeisbaar erfdeel hadden. Sinds 2003 is het omgekeerd. De wet gaat nu uit van de langstlevende, via de wettelijke verdeling (artikel 4:13 BW). Die regeling geldt voor gehuwden en geregistreerd partners. Voor samenwoners geldt ze niet, en dat verschil onderschatten veel mensen.

Vier routes naar dezelfde verzorging

Er zijn grofweg vier manieren om die verzorging te bereiken. De eerste is niets doen, dan geldt automatisch de wettelijke verdeling. De tweede is een testament dat op die verdeling voortbouwt. De derde is een tweetrapsmaking. De vierde is een vruchtgebruiktestament. De eerste twee staan alleen open voor gehuwden en geregistreerd partners. De tweetrap en het vruchtgebruik gelden voor elke relatievorm, dus ook voor samenwoners. Vraagt iemand mij iets over “het testament”, dan wil ik daarom altijd eerst weten welke route hij bedoelt. Anders praten we langs elkaar heen.

Zelfde doel, andere gevolgen

Veel mensen denken dat die routes inwisselbaar zijn, omdat de langstlevende in alle gevallen verzorgd achterblijft. Het doel is inderdaad gelijk. De gevolgen verschillen, vooral fiscaal en vooral bij het tweede overlijden. Bij een vruchtgebruiktestament betalen de kinderen al bij het eerste overlijden erfbelasting over de blote eigendom van het huis. Een tweetrapsmaking schuift die belasting door naar het tweede overlijden, over wat er dan nog over is. Op papier lijken die twee keuzes op elkaar; in geld kunnen ze behoorlijk verschillen.

Het misverstand bij samenwoners

Neem een stel dat drie jaar samenwoont en samen een huis heeft gekocht, zonder testament. De een overlijdt. De ander gaat ervan uit dat ze samen een gezin vormden en dus van elkaar erven. Voor het erfrecht zijn ze dat zonder huwelijk of geregistreerd partnerschap niet. En zonder testament erft de samenwonende partner helemaal niets; de kinderen of overige familieleden van de overledene zijn de erfgenamen, met een direct opeisbaar erfdeel.

Wie als samenwoner zijn partner verzorgd wil achterlaten, moet dat zelf regelen, met een tweetrapsmaking of een vruchtgebruiktestament. Het testament bepaalt of je partner erft. Daarnaast speelt de erfbelasting: voor de partnervrijstelling en het lage tarief moet je partner zijn in fiscale zin (artikel 1a Successiewet). Dat lukt met een notarieel samenlevingscontract met wederzijdse zorgverplichting, of na vijf jaar samenwonen op hetzelfde adres. Ons stel woont nog maar drie jaar samen, dus zonder zo’n contract valt de erfbelasting voor de partner hoog uit.

Goed verzorgd achterlaten begint dus bij één vraag: welke route past bij jouw situatie? Dat antwoord bepaalt wie wat krijgt, en hoeveel erfbelasting daarbij hoort.

Thema's in dit bericht: